|
|
… op mijn website. Mijn naam is Elodie Heloise en ik schrijf. Vanuit Curacao strooi ik verhalen, die ik spinsels en fluisterijen noem, de wereld in.
Ik werk bij het Antilliaans Dagblad, zal dit jaar debuteren met een verhalenbundel bij Uitgeverij In de Knipscheer en hopelijk volgend jaar met mijn eerste roman die ik heb geschreven onder de begeleiding van de schrijfster Annette de Vries. Coach Annette werd mogelijk gemaakt dankzij de financiele steun van het Nederlandse Letterenfonds.
Op deze website behalve de gekkigheid die ik om me heen meemaak ook informatie over het schrijversproces dat ik besloot te delen opdat anderen er wellicht wat aan kunnen hebben. Aldus ben je uitgenodigd deelgenoot te zijn van mijn ‘blunders’, mijn gevechten met mijn ego, met mijn onvermogen en onvolkomendheden… en dat alles alleen maar om te komen tot een goed boek of verhaal. Ik ga alles aan want schrijven is voor mij het mooiste vak dat er bestaat.
De foto die je hier ziet is gemaakt door Iren Nooren, mijn Cpostmaatje. Hij werd ‘geschoten’ tijdens een heuse fotoshoot voor de kaft van de verhalenbundel.
Een hartelijk welkom en… Enjoy! Elodie Heloise
My twinsoul sent me a gift. A blessed one, to spend some time in joy. For connected as we are, we are not united. We are one, we always were. It’s just that in this moment of time we share only spirit and soul; our bodies as of yet remain apart. For as I am free he is still bound. But only here, in this earthly exsistence we refer to as life.
Dressed as a monarchbutterfly my twinsoul visits me. To remind me of what we are when I enter the deep desperate end of feeling alone and separated from what is one. He twirls around my head when I need to ‘lighten’ up and he wants me to smile. Sometimes he just ‘pops’ up as a twinkle in my day. Not summoned, just there drawning me straight back into my hearts destination.
It was in the midst of the overwhelming weariness I sometimes feel that he sent me his gift. Two hands caressing my face, lips kissing mine and when I took a good look at the man in front of me, right above his head I saw the monarchbutterfly.

Het is zover… de langverwachte jeugdroman van collega auteur Roland Colastica is gedrukt en ligt bijna in de winkels. Het is echt heel erg geweldig. Als mede ‘woordbuffelaar’ weet ik hoe het is. Niemand is fulltime schrijver, hier. We doen het erbij. Bij alle andere verplichtingen, bij de fulltime baan, tussen de bedrijven door. We leggen manuscripten neer. Denken dat het voor even is maar soms duurt het jaren voordat we de draad weer echt op kunnen pakken. Het boek van Roland ‘Roy’ heeft er even over gedaan. Onder de bezielende coaching van Sjoerd Kuyper. En het geeft niet, het maakt geen pest uit hoe lang het geduurd heeft…. het is er. Het is af. Het heeft een kaft en een ISBN nummer. En we kunnen er trots op zijn. Een nieuwe generatie Curacaose schrijvers staat op, laat zich niet meer weerhouden en doet het gewoon… no matter how, no matter how long it takes, no matter what… we doen wat we moeten doen. Onze verhalen opschrijven.
Het is dan ook niet verwonderlijk dat wanneer zo een traject uiteindelijk gevangen wordt in het gedrukte woord er een ontlading van blijdschap is

Foto junice Augusta
Foto Guido Selling
Een visje roert zijn staart. Het zwemt in een bol koraal tussen de gaten. Een roze annemoon schrikt en trekt zich terug in zijn pijpje. Een papegaaivis. Blauw en loom. Ik volg hem. Waar hij stilhoudt hoor ik hem grazen. Hij schraapt zijn eten van de koralen. Een zeeappel. Een klein zwart bolletje met lange puntige stekels. Ze bewegen op de onderstroom. Ik pak een steen om hem stuk te maken. Niet omdat hij niet mooi is maar omdat er een spektakel van komt als ik dat doe. Hij bloedt en daar zijn ze… honderd gekleurde vissen. Donkerblauw met spikkels die aquamarijn oplichten. Roze zeesoldaatjes met een zwarte camouflage streep onder hun oog. Lichtgrijze vissen, een gele schubbenlijn geeft hun doorsnee aan. Een kleine blauwkop dringt voor. Brutaal en vinnig. Allemaal genieten ze van deze onverwachte lekkernij. Ik hang erboven met mijn duikbril. En ik geniet. Van de stilte waarin deze drukte zich manifesteert. Dan is daar een kolebra berde. Een moreen. Groen gespikkeld en arrogant maakt hij zich het feestmaal eigen. De vissen schieten uiteen en geven hem de ruimte. Om af te maken wat ik begonnen ben.
Uit: Work in progress 2012
Today I felt rocked
like a baby
in the arms
of trust
Confidently moving
forward, taking
the steps
in meeting
me again
before I
lost
trust
In the arms
of trust
I experienced
the me
I was
supposed
to be
and as I know now
I always was
all it took
was a little
trust

We schrijven 1986. Mijn babyzusje Pien, aka Madeline Joelle Antoinette, was anderhalf en ik maakte me op om naar Nederland te verhuizen voor mijn studie. Als eerste van ons gezin. In een tijd zonder internet, met plotter printers en telefoontarieven van 7,50 per minuut. Brieven schrijven dus… heel veel brieven.

Ik kwam achttien jaar later terug op Curacao. We schrijven 2003. Mijn babyzusje Pien, aka Pienchie Winchie, was achttien en maakte zich op om naar Nederland te verhuizen. In een tijd met internet, mobiele telefoons met sms-mogelijkheid en skype. Danki Dios!

Het Orakel deel 1
In dit deel staat een foutje… Sonia heeft geen drie maar vier dochters
’Heb je het begrepen?’ De opmerking kwam van de juf. Ik zat in de vijfde klas en ik wist dat ik het weer gedaan had. Ik had ‘de blik’ getrokken die haar in verwarring bracht. Ogen zijn de spiegel van de ziel, zeggen ze en wat ik haar liet zien of liever wat zij in mijn ogen terug zag was dat ze een onzinverhaal aan het ophangen was. Het ging over breuken en ze snapte er zelf niks van. Ik zei niks, ik keek alleen maar en toen onze ogen elkaar kruisten wist zij dat ik wist dat ze ons niets van breuken leren kon. Ze zag haar eigen onvermogen in mijn ogen terug en stuurde me de klas uit omdat ik ‘brutaal’ gekeken had.
Vaak heb ik mijn ogen en de manier waarop ze de wereld inkijken voor de spiegel bestudeerd. Maar ik zag er niks bijzonders aan. Behalve dan dat ik een goudgele rand om mijn irissen heb die volgens de overlevering ergens uit de familielijn van mijn vader moet komen. In de loop van de tijd ben ik wel gaan ontdekken dat ik vrij scherp ‘zie’. Zo weet ik wanneer iemand liegt of niet helemaal vertelt hoe het echt zit. Mijn ogen zien dat en helaas voor mij reflecteren ze dat bericht terug naar degene die me aangekeken heeft. Voor mij niet zo erg. Ik zie wat ik zie. Voor de ander echter kan dat heel erg ongemakkelijk zijn. In dat ene moment waarin blikken kruisen en waarin de onzuivere inhoud van de boodschap voor heel even in de schijnwerpers wordt gezet. Een ‘awkward’ moment waarin ik uitstraal dat ik weet dat de ander ook weet dat wat hij of zij zegt of doet niet kosher is. Ik zeg niets, dat hoeft ook niet, want het leed is dan al geleden en ik heb ineens te maken met mensen die zich geen houding weten te geven, die me amper nog aankijken kunnen of die me mijden. Omdat ze het niet leuk vinden wat ze zien, er ongemakkelijk van worden en uiteindelijk krijg ik er danwel via een omweg, danwel rechtstreeks de ‘schuld’ van dat zij zichzelf terugzien op een manier die hen eigenlijk niet aanstaat.
Kan ik er wat aan doen? Ik ben zo geboren. Met ogen die verder zien, die naar binnen kunnen kijken en vaak is het heel mooi wat ik zie. Zolang het maar in evenwicht is met wat er gaande is in de mens die me aankijkt. Ik heb aan een blik genoeg. Om te weten en te voelen. Hoe het met die ander is. En dat levert al te vaak een verbond van compassie en liefde op. Maar schuif je er een rookgordijn voor, voor je echte gevoelens, dan is wat je terugkrijgt je eigen verwarring. Dat doe ik niet, dat doe jij en in mijn ogen tref je de spiegel van je ziel.
Dus wordt niet kwaad op me. Verketter en vervolg me niet. Want je bent het zelf die deze jou aan jou laat zien. Je angsten zie je terug, je teleurstellingen en je verdriet. Je frustraties, je woede, je wanhoop en je ongeluk. Op het moment dat je ervoor kiest me aan te kijken, realiseer je dan dat het niet mijn maar je eigen oordeel over jezelf is dat je ziet.

Foto omslag: Iren Nooren
Geplande verschijningsdatum: 1 augustus 2012
Ik deed een google-search vandaag… ja op mezelf. (Dat doe ik wel eens om te kijken wat heeft aangelinkd en om uit vissen wie wat en waar melding van maakt) En tot mijn verbazing ontdekte ik dat de bundel Woestijnzand al hangt bij verschillende (online) boekhandels. Zoals Amazon, Bol.com, Bruna, Adlibris enzovoort enzoverder… Ik ben een ‘verwacht product’, een ‘binnenkort in dit theater’. Ik werd er zelf stil van. WOW!
|